|
|
|
Rooms-Katholieke Parochie Boxmeer |
|
* Actueel * Koren * Pastores * Bestuur * Beleid * Archief * Links |
|
Archief
KERKELIJKE ONDERSCHEIDING
Op zaterdag 8 december 2007 werd Jo Wouters, kosteres van de Elsendonck, In
memoriam
Brigit Vosmer Albert Jansen Tien Centen Piet van den Hark
Joep
Hendriks Met zevenmijlslaarzen door de geschiedenis van de Pauluskerk
Het prille beginHet
eerste nummer van het Boxmeers ‘Parochienieuws’ verscheen in november Over
een tweede parochie in Boxmeer werd al veel langer nagedacht. Zo was er op 20
december 1955 een vergadering, waarin de Adviescommissie Parochiegrenzen van
het bisdom samen met prior en pastoor van het klooster spraken over een
nieuwe parochie. De kerk voor die parochie was gedacht op de plek waar nu het
gezondheidscentrum is gevestigd. Uit archiefstukken blijkt dat men ook wel
eens overwoog over het spoor te gaan bouwen, omdat daar de uitbreiding van
Boxmeer was gepland. Midden
1961 werd een tweede stap gezet richting nieuwe parochie. Na overleg met het
bisdom zou aan de gemeente worden gevraagd voor de nieuwe kerk uit te zien
naar een andere locatie. Eind oktober van dat jaar werd besloten haar te
bouwen in de wijk Bakelgeert-Noord. In 1962 werd duidelijk dat zij tussen de
Jan Tooropstraat en de Beugenseweg zou komen te
liggen. Ruim
een jaar later ging de aanvraag naar het bisdom voor de bouw van een
sporthal. Deze zou door de parochie tot 1970 als noodkerk gebruikt mogen
worden. Daarna zou de gemeente Boxmeer het gebouw kunnen benutten als
sporthal. Elders in Boxmeer zou dan een nieuwe kerk
verrijzen. Een nieuwe parochie- wenselijk en mogelijk ?Het
is 4 september 1964 als de bisschop van Den Bosch, mgr. Bluyssen,
aan pater Redemptus Mulder laat weten: “Daar op grond van de ons verstrekte gegevens de geestelijke verzorging van het groeiend aantal katholieken in de parochie H. Petrus te Boxmeer een nieuwe regeling behoeft, dragen wij u door deze (op verzoek van uw provinciaal) op de mogelijkheid van de oprichting ener nieuwe parochie aldaar te onderzoeken en ons daaromtrent schriftelijk rapport uit te brengen… Indien u meent te moeten besluiten tot de wenselijkheid en de mogelijkheid van de oprichting ener nieuwe parochie, gelieve u…”. Pater
Redemptus, op dat moment kapelaan in Boxmeer en de
beoogde nieuwe pastoor, laat er geen gras over groeien. Per kerende post
schrijft hij de bisschop “dat het wenselijk is over te gaan tot de oprichting
van een nieuwe parochie, omdat de uitbreiding vrij snel voortgaat”. Ter
illustratie vermeldt hij dat het aantal parochianen op dat moment 2541
bedraagt. Omdat de H. Petrus patroon is van de hoofdparochie, stelt hij voor
om de H.Paulus patroon van de nieuw te bouwen kerk
te maken. Hij draagt de heren G. Sonnemans en A.
van den Brink voor als kerkbestuursleden. Geen noodkerk, maar PauluskerkNadat
op 5 februari 1965 alle vergunningen en goedkeuringen waren verkregen, kon
tot de bouw van de sporthal worden overgegaan. Toen deze
eind november van dat jaar gereed was en als noodkerk werd ingezegend (het
gebouw werd niet geconsacreerd omdat het later de bestemming van sporthal zou
krijgen), schreef pater Redemptus: “Deze voorlopige kerk is alleszins een bruikbare kerkgelegenheid geworden. We kunnen dan ook moeilijk spreken van een noodkerk. We zouden daarom graag horen dat deze nieuwe kerk gewoon de Pauluskerk werd genoemd”. In
november 1966 lezen we in het Parochienieuws een terugblik op het eerste jaar
Pauluskerk: “Al
is de Sint Pauluskerk niet een parochiekerk als de Sint Petrus (want veel
meer is gedacht aan een wijkkerk), toch telt ze mee in Boxmeer. De meesten
van hen die er gewoonlijk kerken, zullen dit bevestigen. Alle begin is
moeilijk, horen we dikwijls zeggen wanneer men aan een nieuw object begint,
maar daarbij nogal moeilijkheden ondervindt. Zo is het ook onze nieuwe
kerkgemeenschap vergaan, die in de Pauluskerk voor liturgische oefeningen
samenkomt. Het ging ons als de meeste jonge gezinnen, die in de nieuwe wijk
hun huis gaan bewonen. Het is allemaal nog een beetje onwennig en je komt
telkens weer tot de ontdekking dat je een en ander nog niet hebt. De St.
Pauluskerk is heel eenvoudig gehouden omdat het gebouw later een andere
bestemming zal krijgen. Bovendien moesten we heel zuinig zijn met de middelen
waarover we beschikten. Het is niet een moderne kerk die in alle opzichten af
is en waar de kunstenaar zijn talent heeft kunnen tonen. Maar juist door de
soberheid en de niet al te grote ruimte zullen de meeste mensen er zich thuis
voelen. En dat is heel belangrijk. Want de kerk is niet alleen een huis van
God, maar ook een huis van mensen, die in dat gebouw hun verbondenheid met
God en met elkaar op een heel bijzondere wijze ervaren… We hebben heel veel
reden om na dit eerste jaar niet alleen tevreden te zijn, maar ook werkelijk
blij en gelukkig”. –
aldus pater Redemptus. Oprichting van de parochie Het
oprichtingsdecreet van de parochie van de H. Paulus te Boxmeer is door de
bisschop gedateerd op 1 november 1967 en gegeven te ’s-Hertogenbosch “onder
onze handtekening en ons zegel”. Daarin lezen we ook dat pater Redemptus met ingang van 5 november benoemd wordt tot
pastoor. De installatie vindt plaats zondagavond 12 november daarop volgend.
Vanaf december 1965 tot medio 1968 heeft hij pater Werenfried
Viester, eveneens karmeliet, als kapelaan. Deze
laatste had speciaal de zorg gekregen voor de mensen ‘van over het spoor’.
Hij heeft ook aan de wieg gestaan van het Pauluskoor. Aangaande dat koor
kunnen we eind 1966 de deels opmerkelijke woorden lezen: “Een goed zangkoor is een weldaad voor elke kerk. Het is een opgave voor ons allen om dit te bereiken. We kunnen wel tien dames gebruiken met sopraan- en altstem. Heren zijn ook welkom als ze kunnen zingen !”. Het
parochienieuws van december 1967 laat de bouwpastoor aan het woord: “Vanaf
5 november 1967 is de oprichting van de nieuwe parochie van de H. Paulus in
Boxmeer een feit… Deze Paulusparochie moet een
kerkgemeenschap worden, waarin iedereen zich thuis kan voelen en waarin dus
iedereen ook rekening moet houden met anderen, wie dat ook mogen zijn… We
willen graag met u praten over de nieuwe kerk, hoe u zich die voorstelt…
Laten we ons er niet al te gemakkelijk van af maken door te zeggen: nu ja, ze
doen maar, ’t is mij best. Later blijken de beste
stuurlui aan wal gebleven te zijn, dat wil zeggen zich afgezonderd te hebben.
Wij weten natuurlijk heel goed dat we het niet alle mensen naar de zin kunnen
maken… maar we willen graag naar u luisteren…”. VertragingOm
aan het nodige geld te komen voor de nieuwe kerk, werden er in 1966 onder meer
5 extra collectes gehouden. De opbrengst daar van was 1684 gulden. Er is na
het eerste jaar Pauluskerk een nadelig saldo van 4000 gulden op de
exploitatierekening. Met de bouwplannen gaat het allemaal niet zo vlot als
aanvankelijk gedacht. Rond Pasen 1968 laat het bestuur aan de parochianen
weten dat de nieuwe kerk stellig nog wel even op zich laat wachten. “Bisschoppelijk beleid en te weinig geld doen vermoeden dat de beslissing tot nieuwbouw nog drie tot vijf jaar moet worden uitgesteld”. Veel priestersAl
was er een chronisch tekort aan geldelijke middelen, priesters had men eind
jaren zestig nog volop. De plaats van pater Viester
werd in augustus 1968 ingenomen door pater Jan Brouns. Samen met de kapelaans
Jan Korterik, Jan Bootsma
en Roel Nijland en met de beide pastoors Eliseus Haarhuis en Redemptus
Mulder maakte hij deel uit van het pastoraal team voor de twee Boxmeerse
parochies. Hij was tot eind jaren zeventig dirigent van het Pauluskoor.
Andere dirigenten waaraan het koor warme
herinneringen heeft behouden en die van grote betekenis zijn geweest voor de
ontwikkeling van het koor, zijn de heren Henk Tromp en de huidige dirigent
Jos Ardts. Definitief geen nieuwe kerkIn
de loop van 1968 wordt het stilaan duidelijk dat er wel nooit een nieuwe kerk
zal komen. Het parochiebestuur is dan ook erg blij met het besluit van de
gemeente Boxmeer “om ons het gebouw aan de Jan Tooropstraat te laten behouden… We zullen natuurlijk een aantal voorzieningen moeten treffen om het bestaande gebouw tot een definitief en volwaardig kerkgebouw in te richten… Maar we voelen ons gelukkig met dit gebouw, waarin soberheid en eenvoud spreken…”, valt
te lezen in het Parochienieuws van november 1968. Het
aantal parochianen is in 1968 2438. Er werden in genoemd jaar 90 kinderen
gedoopt, 15 huwelijken gesloten en er waren 11 uitvaartdiensten. VerbouwingIn
september 1969 worden de parochianen bijgepraat over de bouwplannen. “Meerdere schetsen zijn al ontworpen en telkens weer zijn ze van tafel geveegd omdat ze te duur waren. Zeker is dat de verbouwing ‘inwendig’ zal blijven. Er komt geen deur of raam bij en er wordt geen steen afgebroken, behalve dan de trap aan de Jan Tooropstraat. We zullen een en ander met u bespreken, al zal het onmogelijk zijn met het oordeel van allen afzonderlijk rekening te houden. Want ook in dit opzicht zal het wel zo zijn: zoveel hoofden, zoveel zinnen”. De parochiezaalAparte
vermelding verdient het parochiezaaltje, dat ingericht kon worden nadat de
kleuterschool in 1969 de beschikking kreeg over een eigen gebouw. Dat zaaltje
heeft zijn bestaansrecht meer dan bewezen. De senioren kwamen er wekelijks
bij elkaar. Diverse werkgroepen vergaderden er en het werd een ‘thuis’ voor
het Pauluskoor, het Gabriëllekoor, het dameskoor Gaudia en het Jongerenkoor.
Ook Sint Nicolaas maakte er graag zijn opwachting. “De parochiezaal is klaar. Er is nieuw meubilair gekomen en alles is nu aanwezig om er een gezellige middag in door te brengen. Ook is nu de mogelijkheid geboden om ’s avonds daar te vergaderen en elkaar te ontmoeten voor een gesprek of vergadering voor parochiële belangen”. Het
eerst geplande gesprek met een 20-tal schriftelijk uitgenodigde parochianen
ging niet door omdat niemand van de genodigden kwam opdagen. Hevig teleurgesteld
lieten de pastoor en de kapelaan de vers gezette koffie na een half uur
weglopen… Stoelen of banken ?
Uit de bestuursverslagen wordt duidelijk dat er stevig gediscussieerd werd over de inrichting van de kerk, met name over het plaatsen van stoelen en/of banken. Uiteindelijk viel de keuze op stoelen. Velen zullen zich nog de bliksemactie herinneren om aan stoelen te komen voor de kerk. In één avond werd met behulp van een leger vrijwilligers 9000 gulden ingezameld. In november 1969 bedankt pater Redemptus de gulle gevers met de volgende woorden: “Boven verwachting ! Ja
natuurlijk, we hoopten dat het zou meevallen, maar dit hadden we echt niet
verwacht. We kunnen alleen maar onze dierbare parochianen dankbaar zijn en
dat zijn we hen dan ook inderdaad. Het is niet alleen maar een complimentje.
We wisten immers goed dat niet iedereen zo maar ineens 20 gulden kon geven.
We wisten evengoed dat er sommigen zouden zijn die in dit verband verstek
lieten gaan. Daarom zijn we die anderen, die zoveel te meer gegeven hebben,
bijzonder dankbaar. We hebben van verschillende personen, die niet tot de Paulusparochie behoren, belangrijke giften ontvangen. We
hopen dat al deze mensen zich straks ook thuis zullen voelen in de nieuwe
kerk”. Snel werk Het bisdom stemt op 16 december 1969 toe het perceel sectie D no. 4933, waarop de noodkerk is geplaatst, van de gemeente Boxmeer te kopen. Vervolgens valt op 7 januari 1970 het besluit de sporthal/ noodkerk tot definitief kerkgebouw te verbouwen overeenkomstig het ontworpen plan. Met de verbouwing wordt een week later, op 13 januari, begonnen. Enkele maanden later al is de kerk gereed. “Witte Donderdag ’s avonds
hopen we weer in de Pauluskerk de gewone diensten te kunnen beginnen… Om
vooral kosten te besparen, is het uitwendige van het gebouw nagenoeg
onveranderd gebleven, behalve dan de hoofdingang. Gingen we tot nu toe door
de deuren aan de zijkanten binnen, nu is de hoofddeur aan de Jan Tooropstraat… Van tevoren was al te zeggen dat niet al de
1200 mensen die gewoon waren naar de Pauluskerk te gaan, blij en gelukkig
zullen zijn met de ‘nieuwe’ Pauluskerk… De officiële
opening zal nog even op zich laten wachten, omdat enkele bijkomstige dingen
nog vragen om afwerking”. We zijn bijzonder
gelukkig Zondag 21 juni 1970 wordt de Pauluskerk in een feestelijke viering geconsacreerd door mgr. Bluyssen. Dienaangaande vertelt het Parochienieuws: “Het was echt een feestdag voor de St. Paulusparochie… De noodkerk is dan tot een definitieve
kerk omgebouwd onder leiding van architect Elemans
uit Oss, door de aannemers fa. Graat uit Beugen. Allen die deze kerk hebben
gezien, kunnen getuigen dat zowel de architect als de aannemer eer van hun
werk hebben. We zijn bijzonder gelukkig met onze
nieuwe kerk. Wanneer men aankomt, blijft niemand in bewondering staan voor
het exterieur. Maar dit gebouw is ook niet opgetrokken voor de
buitenstaander, evenmin als de fabrieks- en
flatgebouwen er zijn voor de wandelaar. Maar eenmaal binnen, ervaart men daar
een kerkruimte, die er geheel op gericht is ons in direct contact te brengen
met de Eucharistieviering, waarvoor de gemeenschap van gelovigen samenkomt.
De schuin aflopende vloer benadrukt deze gedachte heel sterk; overal heeft
men vrij zicht op het liturgisch gebeuren, overal hoort men erbij. Het samen
zijn met God en met elkaar, dat is waartoe het hele interieur aanspoort… Heel
de plechtigheid van de inzegening was sober, maar bijzonder stijlvol.
Indrukwekkend was ook, na de zegening van het water, het dopen door
monseigneur van drie jonge parochianen. De gezangen werden uitgevoerd door
het gemengde koor van de parochie, het Pauluskoor onder leiding van kapelaan
Brouns, die allen samen heel veel lof verdienen… De deelname aan de viering
viel wel wat tegen… maar het was letterlijk en figuurlijk een zonnige dag
voor de parochie van de H. Paulus”. De (ene) parochie
‘Boxmeer’ Enkele jaren later, om precies te zijn op 30 mei 1974, werd er voor het eerst gesproken over het samenvoegen van de twee parochies. Men kwam toen tot het principebesluit om er één parochie van te maken. Ongeveer een half jaar later werd dit een feit. Bij gelegenheid van de samenvoeging van beide parochies tot de ene ‘parochie Boxmeer’ wordt in april 1975 het nieuwe parochiestempel bekend gemaakt. Het werd ontworpen door pater Sixtus Scholtens, karmeliet. Pater Redemptus schrijft een jaar later: “Zoals u weet, is begin vorig jaar de parochie
Boxmeer opgericht. Daarmee kwam een einde aan de aparte parochies St. Petrus
en St. Paulus. Dat betekende ook dat er één kerkbestuur kwam en één pastoraal
team waarvan ik deel uit maakte… Het nieuwe pastorale team is intussen goed
ingewerkt en op alle gebied van de pastoraal in
actie. Ik hoop dat u een en ander kunt zien als een normaal verloop. Ik ben
blij dat ik hier zovele jaren dienst heb mogen doen…”. Hij gaat vanaf dan werken in verpleeghuis Madeleine, maar hoopt: “op de eerste zondag na Pasen, 25 april om 9.30 uur,
in de Pauluskerk nog een keer met u als parochiegemeenschap de H. Eucharistie
te vieren”. Nieuwe pastores Het nieuwe team bestaat uit de paters Tjalling van Balen, Wim van Dinther, Gerard Oude Hengel en Eef van Vilsteren. De eerste wordt pastor-teamleider, terwijl pater Oude Hengel meer in het bijzonder is aangesteld voor de Paulusparochie. In een later stadium maakt de parochie kennis met de paters Gerhard Lenferink en Rinus van de Vegte. In Parochienieuws november 1990 schrijft pastor van Balen over 25 jaar Pauluskerk onder meer: “Zondag 11 november hebben
we in een plechtige viering herdacht dat de Pauluskerk 25 jaar geleden werd
ingewijd. Om precies te zijn: 27 november 1965. Om 10.30 uur was er een H.
Mis in de Pauluskerk, die door velen werd bijgewoond onder het thema ‘kerk
gedragen door mensen’. Door het Pauluskoor werd gezongen en ook de Boxmeerse
Harmonie leverde met een afvaardiging haar bijdrage. Kinderen van het
Gabriëllekoor boden 25 verschillende bloemen aan voor personen en werkgroepen
die zich hebben ingezet en dat nog doen voor de parochie in en rond de
Pauluskerk. Ze besloten hun prachtige bloemenhulde met de woorden: 25 bloemen, samen een boeket, net
als alle mensen bij elkaar gezet. Ieder doet zijn
werk, samen zijn wij kerk”. Dreigende sluiting De gestaag toenemende ontkerkelijking is er de oorzaak van dat het aantal kerkdiensten in de twee parochiekerken van Boxmeer allengs kleiner wordt. Regelmatig komt gedurende de laatste tien jaar een mogelijke sluiting van de Pauluskerk ter sprake. Bijna altijd met de bezorgde en angstige ondertoon: ‘alstublieft niet !’ Mede omdat de kerkgangers zo gehecht zijn aan de Pauluskerk wordt een beslissing tot sluiten vooruit geschoven. De vice- voorzitter van het parochiebestuur legt de verantwoordelijkheid voor het open houden of sluiten van de Pauluskerk bij de parochianen en zegt in een toespraak tijdens een parochieavond heel duidelijk: “Of de Paulus open kan blijven, hangt af van u, de
parochianen. Als het kerkbezoek goed is en we als bestuur over voldoende
financiële middelen beschikken…”. Pauluskerk-kinderkerkNadat
pater Tjalling van Balen in september 2000 afscheid heeft genomen, bestaat
het pastorale team uit de paters Jan Brouns en Ton van der Gulik en pastoraal
werkster Brigit Vosmer. In overleg met parochiebestuur en parochievergadering
wordt door hen ‘een ultieme poging’ ondernomen om de Pauluskerk te ‘redden’.
Besloten wordt de kerk te profileren. Zij wordt
‘kinderkerk’. Alle liturgische en catechetische
activiteiten voor kinderen zullen voortaan plaats vinden in de Paulus. Omdat
de kerk op die manier open kan blijven, kunnen ook de andere vieringen
blijven doorgaan, zoals een dienst in het weekend, huwelijken, jubilea en
uitvaarten. ‘We redden het niet’Alle
goede bedoelingen ten spijt, blijkt deze optie na betrekkelijk korte tijd te
worden ingehaald door de ontwikkelingen in het pastoresbestand.
De pastores van der Gulik en Vosmer krijgen elders
in het land een benoeming. Er blijft in Boxmeer nog slechts één
priester-pastor werken in de parochie. Dat feit, in combinatie met het wel
zeer klein geworden aantal kerkgangers en een steeds kleiner wordend aantal
vrijwilligers, in combinatie ook met het steeds sterker wordend besef dat
sluiting in de nabije toekomst toch onafwendbaar zal zijn, doet het
parochiebestuur op 14 mei 2002 besluiten het verzoek tot het bisdom te
richten ‘de Pauluskerk aan de eredienst te onttrekken’. Een ander belangrijk argument was dat bij sluiting van de Pauluskerk alle actieve krachten op een plek konden worden gebundeld. In het Parochienieuws van augustus 2002 lezen we: “Direct na de vergadering van 14 mei wordt een eerste
contact gelegd met het bisdom. Ook de deken van het dekenaat Boxmeer wordt op
de hoogte gesteld. Daarna volgt een informatieavond voor al degenen die door
hun werk en inzet nauw met de Pauluskerk verbonden zijn. In het weekend
daarna worden de kerkgangers in beide kerkgelegenheden geïnformeerd. Enkele
dagen later maken de regionale bladen melding van de ontwikkeling. Ook het
parochienieuws publiceert de integrale tekst aangaande de plannen. Daarna
wordt een en ander schriftelijk aan het bisdom meegedeeld. En er volgen
gesprekken met alle werkgroepen die gebruik maken van de Pauluskerk en zich
gedurende heel veel jaren met grote ijver hebben ingezet voor het gebouw en
de mensen die er inspiratie zochten voor hun leven. Uit bijna alle reacties
kwam naar voren dat het duidelijk was dat ‘het er een keer van zou moeten
komen’. Dit verstandelijk
inzicht was uiteraard niet voldoende om bij iedereen de pijn en het verdriet
en ook de zorgen voor de toekomst zomaar weg te wimpelen”. Het einde
In
een brief van de bisschop van het bisdom Den Bosch, gedateerd 11 oktober
2002, lezen we: “Ingevolge uw verzoek bij brief van 27 augustus 2002 besluit ik bij deze, gehoord het positieve advies van de Priesterraad in vergadering bijeen 18 september 2002, tot het onttrekken aan de Eredienst van de St.Pauluskerk met ingang van 11 november 2002… Het regelmatig contact dat u bij de voorbereiding van dit ingrijpende besluit met het bisdom en andere betrokkenen hebt onderhouden, heb ik ten zeerste op prijs gesteld”. In
oktober wordt dit besluit van mgr. Hurkmans mondeling en
schriftelijk aan de parochianen meegedeeld. Op
zondag 10 november 2002 werd er voor het laatst
eucharistie gevierd. Voor velen was de sluiting van de Pauluskerk een
aangrijpend gebeuren. In een geladen stilte werden na de dienst de
liturgische benodigdheden de kerk uitgedragen… |